<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><!-- generator="wordpress.com" -->
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	>

<channel>
	<title>arabische-wereld &amp;laquo; WordPress.com Tag Feed</title>
	<link>http://en.wordpress.com/tag/arabische-wereld/</link>
	<description>Feed of posts on WordPress.com tagged "arabische-wereld"</description>
	<pubDate>Mon, 28 Dec 2009 00:19:07 +0000</pubDate>

	<generator>http://en.wordpress.com/tags/</generator>
	<language>en</language>

<item>
<title><![CDATA[Schoenengooier Irak komt vandaag vrij]]></title>
<link>http://imkevdlee.wordpress.com/2009/09/15/schoenengooier-irak-komt-vandaag-vrij/</link>
<pubDate>Tue, 15 Sep 2009 12:13:59 +0000</pubDate>
<dc:creator>imkevdlee</dc:creator>
<guid>http://imkevdlee.wordpress.com/2009/09/15/schoenengooier-irak-komt-vandaag-vrij/</guid>
<description><![CDATA[De Iraakse journalist die vorig jaar september schoenen naar de toemalige president Bush gooide en d]]></description>
<content:encoded><![CDATA[<div class='snap_preview'><p>De Iraakse journalist die vorig jaar september schoenen naar de toemalige president Bush gooide en daarvoor werd veroordeeld tot celstraf, wordt vandaag vrijgelaten. Dat zeggen zijn broers. Muntadhar al-Zeidi werd door zijn actie een held in de Arabische wereld. Het laten zien van een schoenzool wordt daar gezien als een grove belediging. Al-Zeidi werd in maart veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf wegens een aanval op een buitenlands staatshoofd, maar in het hoger beroep werd dat verminderd tot een jaar. Wegens goed gedrag is de straf verder ingekort. Al-Zeidi zou eigenlijk gisteren vrijkomen, naar er was vertraging bij de verwerking van zijn papieren.</p>
<p> </p>
<p><em>Bron: nrc.next van 15 september 2009</em></p>
<p> </p>
<p>Wat ik mij nu afvraag, is of zoiets ook in Nederland zou kunnen gebeuren? Zou een (buitenlandse) journalist hier ook drie jaar gevangenisstraf krijgen als die schoenen gooit naar een buitenlands staatshoofd. Of zou hij of zij er weer mee weg komen, onder het mom van &#8220;&#8221;te weinig bewijsmateriaal&#8221; of een dergelijk lullig excuus? En daarmee binnen een dag weer op vrij voeten is!</p>
<div id="attachment_65" class="wp-caption aligncenter" style="width: 315px"><img class="size-full wp-image-65 " title="200000_LON107_983_194473e[1]" src="http://imkevdlee.wordpress.com/files/2009/09/200000_lon107_983_194473e11.jpg" alt="200000_LON107_983_194473e[1]" width="305" height="266" /><p class="wp-caption-text">In Arabische landen worden het laten zien van een schoenzool gezien als een grove belediging.</p></div>
</div>]]></content:encoded>
</item>
<item>
<title><![CDATA[Democracy-support and the Arab World: after the fall  by Tarek Osman]]></title>
<link>http://2bloggen.org/2009/03/23/democracy-support-and-the-arab-world-after-the-fall-by-tarek-osman/</link>
<pubDate>Mon, 23 Mar 2009 00:02:49 +0000</pubDate>
<dc:creator>Daniel Verhoeven</dc:creator>
<guid>http://2bloggen.org/2009/03/23/democracy-support-and-the-arab-world-after-the-fall-by-tarek-osman/</guid>
<description><![CDATA[Published at OpenDemocracy, 17 March 2009 Author; Tarek Osman An appeal to Barack Obama to reinvigor]]></description>
<content:encoded><![CDATA[Published at OpenDemocracy, 17 March 2009 Author; Tarek Osman An appeal to Barack Obama to reinvigor]]></content:encoded>
</item>
<item>
<title><![CDATA[Arabisch geld voor de Palestijnen?]]></title>
<link>http://yvespernet.wordpress.com/2009/03/02/arabisch-geld-voor-de-palestijnen/</link>
<pubDate>Mon, 02 Mar 2009 22:01:02 +0000</pubDate>
<dc:creator>Yves Pernet</dc:creator>
<guid>http://yvespernet.wordpress.com/2009/03/02/arabisch-geld-voor-de-palestijnen/</guid>
<description><![CDATA[http://www.spitsnieuws.nl/archives/buitenland/2009/03/arabieren_geen_cent_voor_pales.html De Arabisc]]></description>
<content:encoded><![CDATA[<div class='snap_preview'><p><a href="http://www.spitsnieuws.nl/archives/buitenland/2009/03/arabieren_geen_cent_voor_pales.html">http://www.spitsnieuws.nl/archives/buitenland/2009/03/arabieren_geen_cent_voor_pales.html</a></p>
<p style="text-align:justify;"><em>De Arabische landen beloofden 1,3 miljard dollar aan de Palestijnen, maar voorlopig heeft nog niemand een cent overgemaakt. De officiele lezing is dat Hamas en Fatah het niet eens zijn over de besteding van de gelden. De Arabische landen stonden na de Israelische invasie in de rij om in het openbaar te roepen dat ze hun broeders zouden steunen.</em></p>
<p style="text-align:justify;"><em><img class="alignleft" src="http://ohmygov.com/blogs/general_news/Israel_Palestine_Flag.png" alt="" width="224" height="140" />Maar nu het op betalen komt, verzandt de hele actie in vergaderingen. Morgen wordt er verder over gesproken in Egypte. Saoedie Arabie beloofde een miljard, Qatar 250 miljoen en Algerije 100 miljoen.</em></p>
<p style="text-align:justify;">Zo kan ik mij ook de actie naar aanleiding van de tsunami herinneren. Toen gaven de Arabische landen hun moslimbroeders- en zusters ook maar een peuleschil. In het geval van Palestina beloven Arabische landen veel, maar laten zij liever de sociale problemen in hun land bestaan en gebruiken ze Israël als afleiding om het protest tegen de grote ongelijkheid in hun eigen landen stil te houden.</p>
<p style="text-align:justify;">Met de hulp van de CIA e.d. houden Arabische landen ook gematigde bewegingen tegen die de landen willen hervormen. Op die manier hebben zij zelf de radikale moslims een voedingsbodem gegeven, vaak hebben ze die radikale moslims ook actief gesteund. Willen we de moslimterroristen tegenhouden, dan is het dringend tijd om te werken aan een alternatief voor de huidige corrupte regimes. Want het is wel héél triestig gesteld als een racistische staat als Israël op het vlak van mensenrechten e.d. een palmares kan voorleggen dat op vele vlakken beter is dan de Arabische regimes&#8230;w</p>
</div>]]></content:encoded>
</item>
<item>
<title><![CDATA[“I hate Mubarak but I hate more those who support him in the west”  De zin(loosheid) van Arabisch protest]]></title>
<link>http://urbanconflict.wordpress.com/2008/12/28/%e2%80%9ci-hate-mubarak-but-i-hate-more-those-who-support-him-in-the-west%e2%80%9d-de-zinloosheid-van-arabisch-protest/</link>
<pubDate>Sun, 28 Dec 2008 22:11:22 +0000</pubDate>
<dc:creator>bloggroep4</dc:creator>
<guid>http://urbanconflict.wordpress.com/2008/12/28/%e2%80%9ci-hate-mubarak-but-i-hate-more-those-who-support-him-in-the-west%e2%80%9d-de-zinloosheid-van-arabisch-protest/</guid>
<description><![CDATA[Als men in het Westen de Arabische of nog beter de islamitische wereld onderzoekt, durft men zich no]]></description>
<content:encoded><![CDATA[<div class='snap_preview'><p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Als men in het Westen de Arabische of nog beter de islamitische wereld onderzoekt, durft men zich nogal rap laten varen in exceptionalistische termen. De geest van het historische Orientalisme is hier nooit ver weg, denk maar aan de discussie over de “compatibiliteit” van islam en democratie, een <em>hot issue </em>in het Westen. De openingen tijdens de jaren negentig in verschillende van de Arabische <em>mukhabarat</em> (politie)-staten, ondermeer als gevolg van de internationale druk voor neoliberale hervormingen, bracht in het Westen (althans in de retoriek) de hoop naar boven van de mogelijkheid van een volledige democratische transitie in de Arabische wereld. In 2008 moeten we echter het resistente karakter van deze autocratische regimes vaststellen, Egypte is daar een goed voorbeeld van.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Kan druk van de civiele maatschappij bijvoorbeeld onder de vorm van straatprotesten dan werkelijk geen verandering brengen? Sommige westerse wetenschappers verwerpen de mogelijkheden die binnenlands politiek conflict biedt (Dixon &#38; Moon, 1989; Bienen &#38; Gersovitz, 1986). Veel studies rond democratisering benadrukken het belang van de civiele maatschappij en een verlichte bourgeoisie als cruciale transitie-instrumenten (Sadiki, 2000, 90-91). Op dat vlak was Sadiki’s artikel een belangrijke aanvulling hierop: de benadrukking van het belang van de traditie van populair brood- of voedselprotest als katalysator van politieke ontwikkeling in de Arabische wereld.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Enkele vragen die we in deze commentaar willen behandelen: Wat verhindert verdere politieke liberalisering in veel Arabische landen? Wat maakt de Arabische autocratische regimes zo resistent tegen het stijgend aantal protestbewegingen?</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">
<p><span style='text-align:center; display: block;'><object width='425' height='350'><param name='movie' value='http://www.youtube.com/v/2RGc-T2vnZw&#038;rel=1&#038;fs=1&#038;showsearch=0&#038;hd=0' /><param name='allowfullscreen' value='true' /><param name='wmode' value='transparent' /><embed src='http://www.youtube.com/v/2RGc-T2vnZw&#038;rel=1&#038;fs=1&#038;showsearch=0&#038;hd=0' type='application/x-shockwave-flash' allowfullscreen='true' width='425' height='350' wmode='transparent'></embed></object></span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">In dat opzicht wil ik hier een video weergeven van een eerder radicale activist tegen de Egyptische president Mubarak en zijn beleid die zich laat kennen onder de naam Salakawi. Hij geeft op zijn profiel aan dat hij in Egypte woont en heeft bovendien zijn eigen “kanaal” op YouTube. De video is meer een aaneenschakeling van foto’s die foltering en mishandeling van Egyptenaren moeten weergeven uitgevoerd door het Mubarak-regime. Meer specifiek klaagt de video aan dat zelfs kinderen in Egypte niet veilig zijn voor dergelijke praktijken, dit doet ze door twee pagina’s van wat een Human Rights Watch-rapport uit 2002 lijkt te zijn, weer te geven. Nog interessanter voor dit commentaar is een deel van de aankondiging van deze video (Salakawi, 2007):“<em>This documentary (15 parts) is dedicated to dictator lovers in the west.</em>”<span> </span><span lang="EN-GB">In de homepage van zijn YouTube-kanaal gaat hij verder (Salakawi, 2008): “<em>I hate Mubarak but I hate more those who support him in the west; those who supply him with the tools and arms with which to torture and kill innocent people in Egypt. Even children are not immune in Mubarak&#8217;s Egypt from organized rape and torture.</em>” </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Salakawi legt de schuld voor het aanblijven van Mubarak en zijn regime dus bij het Westen en haar regeringen die de Egyptische leider blijven steunen. Een belangrijk deel van de retoriek van de War on Terror is de historische roeping om de waarden van vrijheid en democratie te verspreiden (Jackson, 2005, 165). Dit geldt natuurlijk enkel voor landen die strategisch belangrijk zijn in het bevechten van terrorisme. De diplomatieke druk van de V.S. op Egypte viel dan ook snel weg wanneer men doorhad dat democratie islamisten aan de macht kon brengen, tot zover de consequentie van het Amerikaanse beleid (Ali Hassan, 2007).</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">In een vlammend essay ziet Burhan Ghalioun, directeur van het Centre d’Etudes sur l’Orient Contemporain aan de Sorbonne, het gebrek aan “<em>alternation in power</em>” van de Arabische regimes als de oorzaak van het falen van deze nationale systemen, zowel op economisch, sociaal, administratief, militair, cultureel als opvoedkundig gebied (Ghalioun, 2004, 127-128). <span lang="EN-GB">Ghalioun legt de oorzaak van deze feodaliseringstendens van de Arabische regimes, en dus de causale verklaring voor hun overleving, bij twee factoren: “<em>first, the long phase of modernization “from above” that left societies in political and moral disarray and many citizens cut off from the support and reference points provided by tradition; and second, the convergence of powerholders’ interests with Western strategies for maintaining a strong and certain presence in this highly sensitive region of the globe</em>”. </span>Dit paradoxale effect van modernisering is normaal bij transitionele maatschappijen, gaat Ghalioun verder. De staat profiteert van deze zwakkere status van de civiele maatschappij om steeds sterker te worden, naarmate haar staatsapparaat verder moderniseert. Normaal gezien breekt er uiteindelijk een revolte uit tegen deze gecentraliseerde macht en verandert het systeem. <span lang="EN-GB">Met het Arabische autoritarisme is dat niet het geval en wel om de volgende redenen: “<em>The fear of a return of anti-Western populism in one form or another, the desire to retain control over the world’s most important petroleum reserves, and the increasing political and moral support of Israel and its military supremacy- all these factors have led the Western powers in general and the United States in particular to renew their ties with Arab regimes that seemed to display their effectiveness.</em>”</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Zoals hierboven al gezegd, hechten sommige westerse wetenschappers veel belang aan de civiele maatschappij als een cruciale factor voor democratisering (Yom, 2005). Yom is in zijn artikel het daar volledig niet mee eens als je daarbij ook de hedendaagse evolutie in de Arabische wereld met haar steeds actievere <em>civil society</em> betrekt, als zou dit een politieke liberalisering inluiden. Arabische regimes lieten volgens Yom de civiele maatschappij groeien en enkele symbolische politieke openingen behalen, omdat ze een nieuwe tactiek van controle hadden. Een oscillerende vorm van democratie: wanneer de hervormingen bedreigend worden voor het regime, schaft men ze weer af, enz. Die nieuwe tactiek is een effectieve combinatie van repressie, systematische handelingen van legale beperking van de civiele maatschappij indien bedreigend en coöptatie binnen het regime.<span> </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Desondanks de oliecrisis tijdens de jaren tachtig bleef de werking van deze rentierstaten (en dus de betaling van hun repressieapparaten) onafhankelijk van de belastingsinkomsten. Een “<em>no taxation without representation</em>”-slogan vanuit de bevolking was dus nog niet mogelijk vanwege twee internationale factoren (Yom, 2005): 1) de wil van het Westen om het islamitisch gevaar in te dammen naast haar blijvende strategische noden zoals Ghalioun deze hierboven al stipuleerde;<span> </span>2) de toegang van deze regimes tot verschillende externe inkomstenbronnen zoals leningen en fondsen van de internationale gemeenschap, buitenlandse legerbasissen en doorgangsbetalingen, tariefverminderingen, een bepaald deel van de <em>labor remittances</em>, enz. Bovendien herstelden de oliemarkten zich in de late jaren negentig.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Wat kunnen we hieruit besluiten omtrent de capaciteit van de steeds actievere Arabische civiele maatschappijen om werkelijke politieke liberalisering te bereiken? Zowel de wetenschappers Ghalioun en Yom als de activist Salakawi leggen de basisoorzaak van de persistentie van het Arabisch autoritarisme bij de westerse landen met de Verenigde Staten op kop. De kracht van deze regimes komt van het politiek-economische systeem waar ze op berusten. Het toevallige geopolitieke belang van de Arabische regio voor het westen in ons hedendaags tijdperk bepaalt de onvrije levens van miljoenen mensen. De hypocrisie van de “verlichte” westerse landen is hierbij schokkend, willen zij écht dat de bevolking van deze landen haar eigen vertegenwoordigers mag kiezen? Ik denk het jammer genoeg niet, maar zij hebben wel de sleutel in handen…</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Jelle Debaenst</p>
<p class="MsoNormal"><span lang="EN-GB">Ali Hassan, A. (2008) The long march. </span><em>Al-Ahram Weekly</em>, 869. Geraadpleegd op 21 december 2008 op http://weekly.ahram.org.eg/2007/869/focus.htm</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Bienen, H. &#38; Gersovitz, M. (1986) Consumer Subsidy Cuts, Violence and Political Stability. <em>Comparative Politics, 19</em> (1), 25-44.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Dixon</span><span lang="EN-GB">, W. &#38; Moon, B. (1989) Domestic Political Conflict and Basic Outcomes: An Empirical Assessment. <em>Comparative Political Studies, 22</em> (2), 178-198.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Ghalioun, B. (2004) The Persistence of Arab Authoritarianism. <em>Journal of Democracy, 15</em> (4), 126-132.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Sadiki, L. (2000) Popular Uprisings and Arab Democratization. <em>International Journal of Middle East Studies, 32</em> (1), 71-95.</span></p>
<p class="MsoNormal"><span lang="EN-GB">Salakawi (2007) <em>Mubarak&#8217;s Lust </em></span>شهوة<span> </span>مبارك<span lang="EN-GB">. </span>Geraadpleegd op 23 december 2008 op http://www.youtube.com/watch?v=2RGc-T2vnZw</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Salakawi (2008) <em>Kanaal van Salakawi</em>. Geraadpleegd op 23 december 2008 op http://www.youtube.com/user/salakawi</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Jackson</span><span lang="EN-GB">, R. (2005) Security, Democracy, and the Rhetoric of Counter-Terrorism. <em>Democracy and Security, 1 </em><span>(2)<em> </em></span><span> </span>147-171.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Yom, S. (2005) Civil Society and Democratization in the Arab World. <em>The Middle East Review of International Affairs, 9</em> (4). </span>Geraadpleegd op 23 december 2008 op http://meria.idc.ac.il/journal/2005/issue4/jv9no4a2.html</p>
</div>]]></content:encoded>
</item>
<item>
<title><![CDATA[Is het massale protest in Egypte effectief?]]></title>
<link>http://urbanconflict.wordpress.com/2008/12/24/is-het-massale-protest-in-egypte-effectief/</link>
<pubDate>Wed, 24 Dec 2008 14:33:33 +0000</pubDate>
<dc:creator>bloggroep4</dc:creator>
<guid>http://urbanconflict.wordpress.com/2008/12/24/is-het-massale-protest-in-egypte-effectief/</guid>
<description><![CDATA[Het is een vraag die vaak terugkeert als men de situatie in Egypte van naderbij bekijkt, en terecht.]]></description>
<content:encoded><![CDATA[<div class='snap_preview'><p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Het is een vraag die vaak terugkeert als men de situatie in Egypte van naderbij bekijkt, en terecht. Sinds 2004 kent Egypte een periode van hevig protest, zowel boeren, arbeiders als gemarginaliseerde stedelingen kwamen hierbij op straat (Ali Hassan, 2007). Deze volkse protestbewegingen bleven echter zonder werkelijke reactie vanuit de regering. De Egyptische overheid slaagde er zelfs in sinds 2005 de politieke vrijheden nog verder terug te dringen en houdt verder ook koppig vast aan haar neoliberale koers. In een poging dit hardnekkige status quo te kunnen verklaren, bespreek ik in deze post een artikel van Ammar Ali Hassan, directeur van het Middle East Studies and Research Centre in Cairo, in de onafhankelijke Egyptische online-krant Al-Ahram (Ali Hassan, 2007). Verder is dit ook een aanvulling/reactie op de commentaar op de eerste post van Eva Devoldere op deze blog rond <span style="font-size:12pt;font-family:&#34;">Haïti </span>(Seddiki, 2008).</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">De reden waarom in Egypte het protest aanhoudt is het feit dat de <em>moral economy</em> in het land door de overheid nog steeds met de voeten wordt getreden. De cliëntelistische staat van het Nasser-socialisme werd al sinds de jaren zeventig door president Al Sadat en de daarop volgende neoliberale hervormingen van de jaren tachtig afgebouwd (Sadiki, 2000, 81-82). Ook in Egypte leidde dit tot de vaak geziene gevolgen van verpaupering, stijging van de sociale ongelijkheid en de grote uitbreiding van informele en gemarginaliseerde groepen binnen de maatschappij. Als gevolg van de voedselcrisis kende Egypte in 2007 en 2008 bovendien verschillende golven van protest tegen de stijging van de voedselprijzen, een proces dat de situatie in het land nog verder deed verhitten (El Din, 2007; Ezzat, 2008).</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Ali Hassan probeert aan de hand van een analyse van de recente Egyptische protestgeschiedenis in zijn artikel <em>The Long March</em> een antwoord te bieden op de vraag waarom de verschillende Egyptische protestbewegingen voor politieke, economische en sociale hervorming tot nog toe geen enkele van hun doelen konden waarmaken (Ali Hassan, 2007). Zijn artikel dateert van november 2007, maar door de actuele manifestaties tegen de voedselcrisis en de chronisch immobiele situatie in Egypte blijft zijn artikel nog altijd relevant.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Een eerste oorzaak voor de stagnering van de politieke hervormingen in Egypte legt Ali Hassan bij de kloof die er bestaat tussen de nationale intellectuele elite en de volkse massa. De eerste denkt vooral aan politieke vrijheden, terwijl de tweede bijna niet anders kan dan zijn levensonderhoud (of het gebrek eraan) voorop te stellen. De auteur bevestigt de conclusies uit mijn vorige post (Debaenst, 2008): een breuk in het sociaal pact tussen de heerser en de eerder apolitieke bevolking, zoals bijvoorbeeld een aantasting van het levensonderhoud, leidde in de Egyptische geschiedenis al herhaaldelijk tot voedselrellen, denk aan de broodprotesten van 17 en 18 januari 1977 toen de regering de broodsubsidies probeerde af te schaffen.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Een tweede punt voor Ali Hassan is het feit dat de bevolking het vertrouwen heeft verloren in de politieke en intellectuele elite van het land. Een bovenlaag die lang gecoöpteerd was door het Egyptische regime.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Een derde factor is dat er geen effectieve politieke tussenpersonen zijn tussen het volk en de autoriteiten. Oppositiepartijen zijn slechts schijn en behoren eigenlijk tot de overheid. De beroepssyndicaten werden gedepolitiseerd en prominente politieke en sociale rivalen van de regering werden steeds uit de weg geruimd (Ali Hassan, 2007; Adli, 2008).</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Ten vierde heb je de kracht van het enorme veiligheidsapparaat van de regering, met meer dan 1,25 miljoen veiligheidssoldaten, een grote burgerlijke politiemacht en een uitgestrekt netwerk van informanten en undercoveragenten (Ali Hassan, 2007).</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Verder is de sterke grip van de nationale regering op alle publieke beleid, de nationale begroting, maar vooral op de nationale materiele grondstoffen van groot belang. Het regime slaagt er zo in de Egyptische materiele grondstoffen handig om te vormen tot politiek kapitaal. Dit tegenover de verschillende academische meningen die het verdwijnen zien van de cliëntelistische staat in de Arabische wereld, dergelijke regimes kunnen dus resistenter zijn dan verwacht (Sadiki, 2000, 73-74 en 79-80; Bayat, 2002, 1-2).</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Tegenover dit machtige regime staan sociale bewegingen die gekenmerkt zijn door structurele zwakheid. Het ontbreekt hen aan een heldere en coherente ideologie, banden met de <em>grassroots</em> en communicatiekanalen. Ook de V.S. gaat voor Ali Hassan niet vrijuit. Als deel van de neoliberale hervormingen kwamen ook er ook meer politieke vrijheden in Egypte. Echter, eenmaal de Amerikanen doorhadden dat politieke hervorming islamisten aan de macht kon brengen, liet ze haar diplomatieke druk op Egypte vallen, wat het regime weer vrij spel gaf.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Wat opvalt aan Ali Hassan’s analyse is dat ook de volkse protesten vanuit eerder economische zorgen om de stijgende inflatie en de prijsverhogingen er niet in slagen om werkelijke hervormingen te verkrijgen van de regering. Dit in tegenstelling tot de bevindingen van Sadiki uit mijn vorige post waar broodrellen als katalysator van meer doorgedreven politieke hervormingen werden gezien (Sadiki, 2000, 71-95). Sadiki duidde in zijn artikel echter ook al op de werkelijke bedoeling van de verschillende politieke hervormingen in de Arabische wereld: overleving van het regime. Deze zwakke basis voor politieke liberalisering verklaart dan ook de verschillende terugvallen die ook Egypte op dit vlak al gekend heeft. Een actueel voorbeeld daarvan zijn de verschillende veranderingen aan de socialistische grondwet van 1971 die moeilijk kunnen verbergen eigenlijk gericht te zijn op een voortzetting van het huidige regime en het nog moeilijker maken van politiek verzet (El Din, 2007).</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Bayat is in zijn artikel <em>Activism and Social Development in the Middle East</em> net zoals Ali Hassan kritisch voor de effectiviteit van stedelijke massaprotesten (Bayat, 2002, 5). Hij ziet deze stedelijke rellen als een antwoord op de afwezigheid van effectieve institutionele mechanismen van conflictresolutie. Deelnemers zijn dan bijvoorbeeld werklozen (die niet kunnen staken), maar ook arbeiders en studenten die de ineffectiviteit van hun vertegenwoordigingen merken. Echter, net zoals Sadiki ben ik overtuigd van het mogelijke politieke resultaat van dergelijke urbane rellen in de juiste omstandigheden.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Uit dit commentaar kunnen we concluderen dat de stijgende gevallen van protest in Egypte van de laatste jaren te linken zijn aan de neoliberale hervormingen die de nationale regering de laatste twee decennia doorvoerde. De bevolking houdt voor haar precaire economische situatie de regering verantwoordelijk, het regime breekt het sociaal pact (<em>moral economy</em>) dat bestaat tussen heerser en bevolking. Net zoals in Haïti proberen andere politieke bewegingen en partijen deze protestgolven tegen de overheid te coöpteren, maar slagen daar amper in. Oorzaken daarvoor zijn wantrouwen vanuit de bevolking tegen deze actoren (die soms deel uitmaken van het regime) en de verschillende belangen van intellectuele elite en de economisch noodlijdende massa. Deze twee groepen hebben echter ook gelijklopende belangen: de vervanging van een incompetent regime voor een democratische overheid die politieke verantwoording aflegt aan het volk. Een vereniging van deze krachten zou doorslaggevend zijn. De steeds maar stijgende druk op de Egyptische regering zal ergens op uitlopen: politieke opening vanuit het regime of nationale chaos…</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Jelle Debaenst</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">
<p class="MsoNormal"><span lang="EN-GB">Adli, H. (2008) A taste for protest. </span><em>Al-Ahram Weekly,</em> 896. Geraadpleegd op 21 december 2008 op<span> </span>http://weekly.ahram.org.eg/2008/896/op7.htm</p>
<p class="MsoNormal"><span lang="EN-GB">Ali Hassan, A. (2008) The long march. </span><em>Al-Ahram Weekly</em>, 869. Geraadpleegd op 21 december 2008 op http://weekly.ahram.org.eg/2007/869/focus.htm</p>
<p class="MsoNormal"><span lang="EN-GB">Bayat, A. (2002) Activism and Social Development in the Middle East. <em>International Journal of Middle East Studies, 34 </em>(1), 1-28.</span></p>
<p class="MsoNormal">Debaenst, J. (2008) <em>Broodprotesten in de Arabische wereld, een poging tot een algemene theoretisch verklaring.</em> Geraadpleegd op 21 december 2008 op http://urbanconflict.wordpress.com/</p>
<p class="MsoNormal"><span lang="EN-GB">El Din, G. (2007) Constitutional change. </span><em>Al-Ahram Weekly</em>, 807. Geraadpleegd op 21 december 2008 op http://weekly.ahram.org.eg/2007/877/eg1.htm</p>
<p class="MsoNormal"><span lang="EN-GB">Ezzat, D. (2008) No ordinary Sunday. </span><em>Al-Ahram Weekly</em>, 892. Geraadpleegd op 21 december 2008 op http://weekly.ahram.org.eg/2008/892/eg6.htm</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Sadiki, L. (2000) Popular Uprisings and Arab Democratization. <em>International Journal of Middle East Studies, 32</em> (1), 71-95.</span></p>
<p class="MsoNormal">Seddiki, A. (2008<em>) One Response to “Honger in Haïti. Rellen in het armste land van het westelijk halfrond.”</em> Geraadpleegd op 21 december 2008 op http://urbanconflict.wordpress.com/2008/11/30/honger-in-haiti-rellen-in-het-armste-land-van-het-westelijk-halfrond/#comments</p>
</div>]]></content:encoded>
</item>
<item>
<title><![CDATA[Broodprotesten in de Arabische wereld, een poging tot een algemene theoretische verklaring]]></title>
<link>http://urbanconflict.wordpress.com/2008/12/21/broodprotesten-in-de-arabische-wereld-een-poging-tot-een-algemene-theoretische-verklaring/</link>
<pubDate>Sun, 21 Dec 2008 16:23:02 +0000</pubDate>
<dc:creator>bloggroep4</dc:creator>
<guid>http://urbanconflict.wordpress.com/2008/12/21/broodprotesten-in-de-arabische-wereld-een-poging-tot-een-algemene-theoretische-verklaring/</guid>
<description><![CDATA[Het academische debat rond politiek conflict in de Derde Wereld heeft zich sinds haar ontstaan in de]]></description>
<content:encoded><![CDATA[<div class='snap_preview'><p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="NL-BE">Het academische debat rond politiek conflict in de Derde Wereld heeft zich sinds haar ontstaan in de jaren zestig altijd gestructureerd volgens twee tegenovergestelde meningen (Walton, 1998, 460-462). Aan de ene kant heb je deze die steeds opnieuw het bewijs zien van een theorie van een strijdende klassenbeweging, de anderen komen telkens tot de conclusie dat het bij politiek conflict in de Derde Wereld steeds gaat om opportunistische cliëntelistische coöptatie. Deze posities zijn vooral beschrijvend, in plaats van verklarend. Walton wil in zijn artikel daar tegen in gaan en tot een meer algemeen verklarend theoretisch kader komen. In dit commentaar zullen we één van Walton’s stellingen toetsen aan de hand van een praktijkvoorbeeld, namelijk de veelvuldige Arabische broodrellen sinds de jaren tachtig zoals beschreven in het artikel van Sadiki (Sadiki, 2000, 71-95).</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="NL-BE"> </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="NL-BE">Walton’s zevende stelling als aanzet tot een meer algemene theorie over politiek conflict in de Derde Wereld is de volgende: <em>“Political and human rights action is associated with periods of state formation and radical restructuring such as the recent international initiative for neoliberal economic and political reform.”</em> (Walton, 1998, 476)<em> </em>Ook in de Arabische wereld misten de neoliberale <em>structural adjustment programs </em>(SAP’s) hun effect niet (Sadiki, 2000, 73-74). </span>Sinds de jaren tachtig regeert ook daar de markt, paste men op grote schaal privatisering toe en werden overheidssubsidies voor sociale maatregelen drastisch afgebouwd. De “<em>developmentalist state</em>” die na de onafhankelijkheid functioneerde op basis van een sociaal pact tussen regering en bevolking, brokkelde vanaf de jaren tachtig in de meeste Arabische landen af.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Deze ontmanteling van de staat, onder andere op vlak van voedselsubsidies, leidt er dan ook toe dat de Arabische traditie van <em>khubz</em> (brood)-protesten wordt voortgezet <span lang="NL-BE">(Sadiki, 2000, 74)</span>. Thompson’s these “<em>moral economy of the poor</em>” is een vaakgebruikte theorie voor de verklaring van sociaal protest. Voedselprotesten als een complexe vorm van directe populaire actie, gedisciplineerd en met duidelijke objectieven, en niet zomaar een vorm van onzinnige rellen. Deze theorie gaat er van uit dat er binnen de maatschappij een consensus bestaat dat ook de armste lagen van de bevolking bepaalde elementaire, tijdsgebonden rechten hebben zoals bijvoorbeeld levensonderhoud en economische gerechtigheid. Voedselprotesten zijn in dit opzicht dan een reactie op het breken van deze <em>community consensus</em>.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Veldwerkdata van Sadiki bij Soedanese en Jordaanse islamisten suggereert dat de notie van <em>moral economy</em> een belangrijke basis zou hebben in de islam <span lang="NL-BE">(Sadiki, 2000, 75)</span>. Een andere suggestie is dat voedselprotest één van de belangrijkste factoren was inzake het beïnvloeden van het regeringsbeleid richting een democratische hervorming in Soedan en Jordanië in respectievelijk 1986 en 1989.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Ter ondersteuning van deze twee vaststellingen haalt Sadiki Edmand Burke’s analyse aan uit zijn artikel <em>Understanding Arab Protest Movements</em> (Burke, 1987). Burke beschrijft een historisch Islamitisch sociaal pact analoog met de West-Europese “<em>Christian notion of moral economy</em>” van waar de traditie van verzet in de Arabische wereld zijn legitimiteit haalde (Sadiki, 2000, 78-79). Deze discontinue vorm van democratie bestaat eruit dat protestbewegingen in moslimmaatschappijen uitlopen in eisen van de samenleving om de Islamitische <em>telos</em> van rechtvaardigheid te vervullen en eeuwenoude vrijheden, vooral het recht op levensonderhoud, te verdedigen. Dergelijke protesten gaven heersers de mogelijkheid hun legitimiteit te vergroten door aandacht te geven aan de noden van de maatschappij en door de Islamitische principes van goed bestuur op de basis van rechtvaardigheid opnieuw te bevestigen. Zo ziet Sadiki de broodprotesten in Soedan en Jordanië als voorbeelden van deze traditie die democratische waarden gunstig is, onder andere gereflecteerd in het feit dat deze druk van onder er vaak in slaagt veranderingen van bovenaf op te wekken.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Dus ook in de Arabische wereld is de notie <em>moral economy </em>van nut. Burke’s idee van de islamitische variant van de <em>moral economy</em>, het sociaal pact, stemt overeen met het Arabische concept <em>dimuqratiyyat al-khubz</em> (democratie van brood)<span> <span lang="NL-BE">(Sadiki, 2000, 79)</span></span>. Dit duidt op de sociaal-economische basis van het Arabische autoritarisme, de meest verspreide beleidsvorm in de Arabische wereld. Niet enkel door repressie functioneerden deze staten, maar ook door elementen van onderhandeling en accommodatie. Politieke meegaandheid werd door de Arabische heersers van de bevolking afgekocht in ruil voor <em>khubz</em> of brood, hier een metafoor voor gratis onderwijs, gezondheidszorg en andere publieke diensten. De neoliberale hervormingen sinds de jaren tachtig zetten de politieke basis van veel Arabische leiders dus op losse schroeven.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Verschillende economische crisissen sinds de jaren zeventig zetten de Arabische <em>dimuqratiyyat al-khubz</em> in verschillende landen onder druk zoals Sadiki overtuigend weergeeft <span lang="NL-BE">(Sadiki, 2000, 80-82)</span>. De verschillende broodopstanden in de recente Arabische geschiedenis zijn daar een goed voorbeeld van: Egypte, januari 1977; Marokko, januari 1984; Tunesië, januari 1984; Soedan, maart 1985; Algerije, oktober 1988; Jordanië, april 1989; Libanon, na het beëindigen van de burgeroorlog in 1990. Sadiki benadrukt het economische en politieke karakter van deze broodrellen, volgens hem waren dit allemaal duidelijke protesten tegen sociale ongelijkheid, corruptie, nepotisme, autoritarisme en incompetentie van het regime. Opeenvolgende economische crisissen en neoliberale hervormingen tasten de basis aan vanwaar de meeste Arabische regimes hun legitimiteit halen, de verstrekking van de metaforische <em>khubz</em>.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Een mogelijk gevolg van deze aantasting van de democratie van brood is volgens Sadiki politieke democratie: “<em>In the 1980s the regimes failed to deliver </em>khubz<em>, and when the masses took to the streets demanding </em>khubz<em>, they were given the vote.</em>” <span lang="NL-BE">(Sadiki, 2000, 84-85)</span><span lang="NL-BE"> </span>Met bewijs vanuit de Arabische wereld toont Sadiki aan dat democratische transitie het resultaat kan zijn van sociale onrust ontstaan door broodrellen. Burgerlijke ongehoorzaamheid leidde tot de terugtrekking van voedselprijsstijgingen (Tunesië, Marokko en Egypte), gevolgd door de geleidelijke maar toch continue, zij het soms slechts nominale, pluralisering in Soedan, Algerije en Jordanië. Sadiki is overtuigd van de mogelijkheden die voedselprotesten bieden voor politieke liberalisering, desondanks de terugvallen in de meeste van deze landen die de fragiliteit en onzekerheid van Arabische hervormingen aantoonden <span lang="NL-BE">(Sadiki, 2000, 84-85 en 89)</span>.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Om terug te keren op Walton’s stelling kunnen we zeggen dat de veelvuldige voedselprotesten in de Arabische landen sinds eind de jaren zeventig het gevolg waren van de drastische herstructurering van deze maatschappijen, ondermeer onder invloed van verschillende economische neergangen, de daling van de olieprijzen, de internationale schuldencrisis en het neoliberale antwoord hierop. Alhoewel het om voedselrellen ging toonde Sadiki’s artikel duidelijk de economische en politieke ondertoon van deze protesten aan. Deze bewegingen bekwamen bovendien politieke resultaten van hun heersers, zij het van verschillende sterkte. Deze voedselprotesten vormden dus geen letterlijke “<em>political and human rights action</em>”, maar beoogden wel gelijkaardige uitkomsten. Walton ziet voor dit stijgende protest voor politieke en mensenrechten sinds de jaren tachtig een vergelijkbare verklaring als Sadiki: “…<em>less developed countries constrained by fiscal austerity can no longer afford clientism, greater popular sovereignty is a condition that citizens expect in exchange for austerity,…</em>” (Walton, 1998, 476).</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Concluderend kunnen we stellen dat protest in de Arabische wereld ook volgens het westerse concept van <em>moral economy</em> kan verklaard worden. In de Arabische landen was er na de onafhankelijkheid sprake van een democratie van brood die de burgers van bepaalde basisdiensten voorzag, een gelijkaardig principe zoals de <em>moral economy</em>. Bij inbreuk van dit sociaal pact braken er bijvoorbeeld voedselrellen uit. De neoliberale hervormingen doen juist dit en ontmantelen de Arabische democratie van brood. Een stijgende aantal voedselprotesten sinds de jaren tachtig zijn hier een gevolg van. Net zoals in andere landen van de Derde Wereld kunnen Arabische leiders de burgers uit financiële dwang niets anders bieden dan politieke liberalisering. In vergelijking met sommige democratiseringstendensen in Azie en Latijns-Amerika sinds de jaren zeventig mag men echter niet naïef zijn over de oppervlakkigheid van deze opportunistische Arabische politieke hervormingen. Kunnen deze protesten uiteindelijk ook leiden tot werkelijke politieke liberalisering? In een volgende post bekijken we hieromtrent het voorbeeld van Egypte.</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">Jelle Debaenst</p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;">
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Burke, E. (1987) Understanding Arab Protest Movements. <em>Arab Studies Quarterly, 8</em> (3).</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Sadiki, L. (2000) Popular Uprisings and Arab Democratization. <em>International Journal of Middle East Studies, 32</em> (1), 71-95.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-align:justify;"><span lang="EN-GB">Walton, J. (1998) Urban Conflict and Social Movements in Poor Countries: Theory and Evidence of Collective Action. <em>International Journal of Urban and Regional Research, 22</em> (3), 460-481.</span></p>
</div>]]></content:encoded>
</item>
<item>
<title><![CDATA[Samira Bensaïd]]></title>
<link>http://marokkomagazine.wordpress.com/2008/05/28/samira-bensaid/</link>
<pubDate>Wed, 28 May 2008 12:47:54 +0000</pubDate>
<dc:creator>Melissa Herrera</dc:creator>
<guid>http://marokkomagazine.wordpress.com/2008/05/28/samira-bensaid/</guid>
<description><![CDATA[Nu we nog even in &#8220;Eurosong-sferen&#8221; zitten&#8230; Hier een kort weetje over Marokko en h]]></description>
<content:encoded><![CDATA[<div class='snap_preview'><h2><span style="color:#800000;"><span style="text-decoration:underline;">Nu we nog even in &#8220;Eurosong-sferen&#8221; zitten&#8230;</span></span></h2>
<p><strong>Hier een kort weetje over Marokko en het Eurovisie Songfestival.</strong></p>
<p> </p>
<p style="text-align:left;">Het jaar 1980 was een ongewoon jaar in de Songfestivalagenda. Voor het eerst in de geschiedenis deed een Afrikaans land mee. Marokko stuurde Samira Bensaïd, één van Marokko&#8217;s populairste zangeressen, naar Den Haag. Bensaïd, die ook bekend stond als &#8216;de nachtegaal van de Arabische wereld&#8217; bracht een vredeslied met als titel &#8220;Bitaqat hob&#8221;. Ondanks de goede poging kreeg Marokko slechts 7 punten toegediend.</p>
<p style="text-align:left;"><em>Voor diegene die met nostalgie kunnen terugblikken om Marokko&#8217;s deelname, maar ook voor diegene die toen nog niet geboren waren maar hun nieuwsgierigheid niet te baas kunnen zijn hier de beelden:</em></p>
<p style="text-align:left;"><span style='text-align:center; display: block;'><object width='425' height='350'><param name='movie' value='http://www.youtube.com/v/nbh7LTmWJFs&#038;rel=1&#038;fs=1&#038;showsearch=0&#038;hd=0' /><param name='allowfullscreen' value='true' /><param name='wmode' value='transparent' /><embed src='http://www.youtube.com/v/nbh7LTmWJFs&#038;rel=1&#038;fs=1&#038;showsearch=0&#038;hd=0' type='application/x-shockwave-flash' allowfullscreen='true' width='425' height='350' wmode='transparent'></embed></object></span></p>
</div>]]></content:encoded>
</item>

</channel>
</rss>
